Zelf ben ik altijd op zoek naar manieren om mijn les interessant te maken. Ik wil mijn leerlingen graag betrekken bij de lessen. Ik wil graag dat ze actief aan de slag gaan. En hoewel ik gek ben op digitale tools als Gimkit, vind ik niet dat er altijd maar een spelletje gespeeld moet worden. Ik daag mijn leerlingen net zo graag uit om eens wat actiever met de stof aan het werk te gaan. Daarom pas ik graag een werkvorm toe waarbij onderzoekend leren centraal staat.

Onderzoekend leren

Bij werkvormen waarbij je de leerlingen onderzoekend laat leren, draai je de rollen in de klas enigszins om. Je legt de stof niet uit, maar laat het de leerlingen zelf uitzoeken. Er zijn verschillende manieren om dit vorm te geven. Vrijwel iedere stof leent zich voor deze vorm van leren. Toch is het soms wel handig om voorafgaand aan de werkvorm wat tijd te besteden aan een korte uitleg of introductie van het onderwerp.

Vormgeven aan de les

Hoe ga je te werk? Onderzoekend leren kan individueel, maar mijn voorkeur gaat uit naar werken in groepjes. Belangrijkste reden is dat leerlingen daarmee ook leren om samen te werken en taken te verdelen. Denk hierbij aan taken als: het opzoeken van informatie, het verwerken van de gevonden informatie, het maken van de presentatie (in welke vorm dan ook) en iemand die de tijd bewaakt. Belangrijk bij deze werkvorm is dat je zorgt voor een afgerond geheel. Je begint dus blanco met een term of begrip die (eventueel) in het algemeen kort is toegelicht. Vervolgens geef je de leerlingen de gelegenheid om het onderzoekje uit te voeren. Ten slotte moet de opdracht worden afgerond in de vorm van een presentatie of een werkstuk.

Je kunt gebruik maken van verschillende middelen. Zo kun je de leerlingen de informatie laten opzoeken op internet via de telefoon, een tablet of laptop of in een computerlokaal op school. Maar je kunt deze werkvorm ook heel goed uit laten voeren buiten de digitale wereld. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van informatieve boeken, kranten, tijdschriften, atlassen, woordenboeken etc. Het is dan wel zaak dat je ervoor zorgt dat deze middelen tijdens jouw les beschikbaar zijn.

Afronden van de les

Het afronden van een onderzoekende werkvorm vind ik erg belangrijk. Er zijn verschillende mogelijkheden om deze werkvorm af te ronden. Maar het is in ieder geval belangrijk dat voor deze afronding aandacht en tijd is. Leerlingen steken over het algemeen veel energie in het onderzoeken van de gevraagde begrippen en willen dan ook heel graag vertellen wat ze hebben gevonden (en weten of dit alles correct is).

Afronden kan gebeuren in de vorm van een presentatie, een werkstuk of een opstel. Als je stof voor een proefwerk laat onderzoeken, dan kun je ervoor kiezen dat de klas elkaar vertelt over de resultaten, zodat leerlingen van elkaar kunnen leren. Als het voornamelijk een verdieping van de stof is, dan kun je ervoor kiezen om dit in een schriftelijke opdracht te verwerken. Zorg er dan wel voor dat je deze opdrachten nakijkt en voorziet van feedback.

Ik gebruik regelmatig een vorm van onderzoekend leren en doe het iedere keer net weer anders. De ene keer laat ik de leerlingen een korte PowerPoint of Keynote maken om hun werk te presenteren, de andere keer schrijven ze een kort werkstuk of een opstel. Maar soms laat ik de stof veel creatiever verwerken, bijvoorbeeld door er een spel van te maken.

Een voorbeeld uit mijn praktijk

Tijdens mijn les Nederlands wilde ik verschillende stijlfiguren bespreken, daar leende onderzoekend leren zich uitstekend voor. Ik besloot om stijlfiguren in het algemeen eerst klassikaal te bespreken. Wat is het, waar dient het voor, waar vind je het etc. Ik gebruikte filmpjes, voorbeeld uit tijdschriften en kranten en besprak het nut van het gebruik van stijlfiguren. Vervolgens vertelde ik welke stijlfiguren voor het proefwerk van die periode van belang waren. Ik verdeelde de klas in groepjes en gaf ieder groepje een stijlfiguur om te onderzoeken. De groepjes verdeelden de taken onderling. Hier was soms best wat hulp van mijn kant voor nodig, want samenwerken is iets wat sommige klassen echt nog moeten leren.

Voor deze opdracht moesten de groepjes het begrip onderzoeken, een definitie noteren en voorbeelden noteren van de stijlfiguur die zij onderzochten. Daarnaast moesten zij in kranten en tijdschriften op zoek gaan naar praktijkvoorbeelden en deze uitknippen, zodat het ook visueel duidelijk werd waar ze het over hadden en ze de stof ook in de praktijk herkenden.

Ieder groepje kreeg een groot vel papier, waarop uiteindelijk de onderling overeengekomen definitie genoteerd werd, de voorbeelden werden opgeschreven en een aantal praktijkvoorbeelden werden opgeplakt. Opzoeken van informatie mocht, in dit geval, via de telefoon. Maar het kan natuurlijk ook via de computer in een computerlokaal. In het geval van vakken als geschiedenis, maatschappijleer of aardrijkskunde kan er natuurlijk ook gebruik gemaakt worden van boeken in het lokaal of de mediatheek. Dan is een device niet eens nodig!

Aan het einde van de opdracht presenteerden de leerlingen kort de informatie die zij vonden op een manier die hun klasgenoten ook zouden begrijpen. Op deze manier werd de volledige stof klassikaal besproken.

Voordelen van deze manier van werken is het oefenen met samenwerken en taakverdeling. Maar ook leren de leerlingen gebruik maken van informatiebronnen en leren zij hoe je vergaarde kennis kunt overbrengen op anderen. Overigens heb in een volgende les de stof nog wel kort een keer nagelopen om er zeker van te zijn dat alle leerlingen de stof begrepen hadden.